|
Klik
hier om te zien waar Team Vuur zich
nu bevindt.
|
"....
ik heb van de week wel in Mal's spullen gezocht, maar ik kon het niet
vinden."
Aeryn kijkt Faith afkeurend aan. "Dan heb je niet goed gezocht."
"Nou, dan doe jij het vanavond toch lekker zelf?"
Geïrriteerd gaan de twee wat verder uit elkaar lopen. De laatste
Survivorloodjes beginnen steeds zwaarder te wegen en gevoelens van
irritatie zijn wat sneller opgewekt dan voorheen.
Het
was begonnen met de opmerking van Faith dat de weg door de woestijn
een stuk korter is dan die er omheen, maar Aeryn kan absoluut niet
tegen langdurige hitte wat een 'enerverende' gedachtenuitwisseling
tussen de twee uitlokte. Grommend heeft Faith toegegeven en zo komt
het dat ze nog steeds langs de rivier lopen en waarschijnlijk later
op het eindpunt aankomen dan ze had gehoopt. En nu dan weer discussie
over dat geheime ding van Wesley, dat nog steeds in het team is, waar
inbrekers en berovers ze voor belaagd hebben en dat nu in handen is
van Willow.
"Nou,
nou, kinderen, jullie zijn niks lief voor elkaar vandaag! Langzaam
glijdt Q vanuit de lucht naar beneden en stopt voor hun neus.
Faith rolt haar ogen. "Zeg, Mary Poppins, wordt het niet eens
tijd voor je om weer terug te gaan naar je eigen universumpje?"
"Kind, maak van je hart geen moordkuil", lacht Q. "Hmm,
daar krijg ik zomaar weer eens een goed idee. Van nu af aan hóeven
jullie van je hart geen moordkuil te maken." Hij knipt met zijn
vingers en flitst er meteen weer vandoor.
John kijkt verbaasd in de richting waar Q net nog stond. "Huh?
Waar heeftie het over?" Nog steeds verbaasd draait hij zich om
naar Willow, Faith en Aeryn, die op hun beurt stomverbaasd naar John
staan te staren. Of, liever gezegd, naar iets boven John's hoofd.
"Wat?" vraagt hij, "wat zie- oooooh", nu is het
zijn beurt om verbaasd naar Faith te staren.
"Wat is dát nou??" wijst hij. Boven Faith's hoofd
hangt een tekstballonnetje, zo één als in stripverhalen.
En er staat tekst in: 'wat staat die idioot nou te staren? En
wat is dat voor ding boven zijn hoofd?'
"Wat is dat voor ding boven je hoofd, Faith?" vraagt John.
Faith kijkt omhoog en ziet dat zij ook een ballonnetje heeft hangen
en ziet haar gedachten er in verschijnen.
"Verrek! Dat zijn mijn gedachten!" roept ze verbaasd uit.
Ook John kijkt nu omhoog.
"Frell, ja!" Dan draaien de twee zich om naar Aeryn en zien
... niks. Aeryn haalt ongeïnteresseerd haar schouders op.
"Ik
zeg altijd wat ik denk" en loopt weg.
"Zeg Faith...", teemt John.
"Hmm?"
"Wat vind je eigenlijk van mij?" en hij kijkt meteen naar
Faith's ballonnetje.
'God nee he, níet denken hoe knap hij is! Níet aan
die dijen denken nu. Oh shit. Linoleum! Linoleum!' Faith kijkt
even snel omhoog. 'Shit, het werkte niet voor Xander, maar ook
niet voor mij dus.' Ze kijkt naar John en Willow die inmiddels
op de grond liggen van het lachen. Boven Willow hangt echter een tekst
die Faith John's dijen onmiddellijk doet vergeten: 'ik lijk wel
oversekst - Fred wacht op mij op Risa en ik lig hier naar Faith's
borsten te staren - uh uh snel, ergens anders aan denken! Evil Willow!
Evil Willow! - Mmmm... Evil Willow in dat zwarte leren pakje... aargh!'
Willow begint rood aan te lopen en John rolt nu over de grond
van het lachen.
'Eénentwintig tweeëntwintig! Denk aan Fred, niet aan Faith.
Maar ze zijn zo mooi rond en - oh shit shit - is hier geen spell voor?
Dénk Willow, dénk!'
"Ew Willow! Hou je gedachten voor je, wil je!" roept
Faith uit, maar denkt 'mmm, ik heb het nog nooit met meisjes gedaan,
hoe zou dat eigenlijk zijn?' Willow vliegt geschrokken overeind,
'denk Fred, denk Fred!'
'Hoewel die ene keer
dat ik in Buffy's lichaam zat misschien wel een beetje vergelijkbaar
is...' leest Willow boven Faith's hoofd. Geschokt - en bespeuren
wij daar ook wat jaloezie in die blik - kijkt ze Faith aan, draait
zich om, loopt snel naar haar rugzak en gaat er druk in rommelen.
Faith
en John zijn inmiddels doorgelopen en Willow is een stukje achterop
geraakt, maar even later loopt ze giechelend achter het tweetal aan,
dat druk bezig is met ruzie maken in hun gedachten. Het gaat zo snel
dat Willow het bijna niet kan volgen. Ze maakt aanstalten om te gaan
rennen en ze in te halen, maar tot haar verbazing ligt ze ineens languit
op de grond. Ze is ergens over gestruikeld en als ze overeind komt
om te kijken wat het was, zakt ze weg. Een man houdt een zakdoek met
chloroform voor haar gezicht, controleert dan of ze echt bewusteloos
is, gooit haar over zijn schouder en gaat er stil en snel vandoor.
Twee andere mannen checken nog even of ze niet zijn gezien door de
andere drie, wat niet het geval is, en volgen dan de man met Willow
over de heuvel.
Doordat
Aeryn zich in zichzelf heeft teruggetrokken en John en Faith nog doorruziën
duurt het even voordat ze doorhebben dat er een teamlid ontbreekt.
Pas als Faith zich omdraait om Willow als bemiddelaar bij het dispuut
over het beste wapen (kruisboog of faser) te betrekken, is de schrik
groot.
"Mijn god, hoe hebben we niet kunnen merken dat Willow er niet
meer is??" Het huilen staat Faith nader dan het lachen. John,
ook geschrokken, slaat een arm om haar schouders. Aeryn begint langzaam
terug te lopen. "We moeten onze sporen terugvolgen, zodat we
weten waar ze is verdwenen en misschien zijn er aanknopingspunten
te vinden".
"Nou dat moet makkelijk gaan", zegt John. "We hebben
een spoor achtergelaten dat zelfs Stevie Wonder zou kunnen volgen!"
"Hee maar, misschien is ze gewoon achter een struik in slaap
gevallen", probeert John Faith en Aeryn, maar ook zichzelf gerust
te stellen, wat niet helemaal werkt. De tekstballonnetjes draaien
overuren om de verwarde gedachten te kunnen doorgeven, maar de drie
zijn in hun bezorgdheid om de verdwenen Willow toch even helemaal
niet geïnteresseerd in de gedachten van de anderen.
Van gekibbel of irritaties is niets meer te merken. Het drietal werkt
nu als een team samen om de sporen terug te vinden en te reconstrueren
wat er is gebeurd.
Faith vindt Willow's rugzak, met de inhoud ernaast. Maar geen spoor
van Willow. Haar sporen houden zelfs helemaal op.
"Twee, nee drié vreemde afdrukken, absoluut niet van ons",
constateert Aeryn.
"Ontvoerd, kan niet anders. Ze hebben haar weggedragen",
zegt John somber. Faith is de heuvel opgeklommen en speurt de horizon
af. Links van haar is het noorden en niets dan kale vlakte langs de
rivier, rechts loopt de rivier door naar het zuiden, maar aangezien
ze daarvandaan kwamen zullen de ontvoerders daar niet zijn. Vóór
haar is een laaggebergte, ideaal als je niet gezien wilt worden. "Dáár
is Willow", roept ze vastbesloten.
Snel
maar behoedzaam beklimmen ze met zo'n 50 meter onderlinge afstand
de eerste rotsheuvels. Doordat er vrijwel geen bomen zijn is het doodstil,
en de gedachtenballonnetjes komen nu wel heel erg goed van pas.
'Maar waaróm in godsnaam? Waaróm!' denkt Faith.
'Het is dat verdomde doosje, ik zweer je dat dat het is',
antwoord John in zijn gedachten.
'Als ik die dijen - shit - ik bedoel... dat doosje in handen krijg!'
denkt Faith.
'Zeg zo is het wel weer genoeg gelonk naar John's dijen he?!'
denkt Aeryn.
'aHA! Dus de Grote Aeryn heeft toch jaloerse gedachten'. Triomfantelijk
kijkt Faith haar aan.
'Jaloers? Ik? Ik doe niet aan jaloers, kleine Buffy-wannabe'.
Faith wil woedend op Aeryn afstormen, maar John steekt net op tijd
een arm in de lucht.
Hij begint druk naar de horizon schuin links van hen te wijzen.
" Willow!"
Faith kan een kreet niet onderdrukken. Want daar, op een paar kilometer
afstand zien ze een spoor van onnatuurlijke, kleine lichtbolletjes
omhoog dwarrelen, en er is een patroon in. Een morse patroon, drie
kort op elkaar, drie wat verder uit elkaar en weer drie kort op elkaar.
De code voor SOS.
"Dat kan alleen maar Willow-magie zijn", zegt Faith nu zachtjes
voor zich uit en alledrie slaken ze gelijktijdig een zucht van opluchting.
Nog
geen uur later is het Aeryn die haar arm opsteekt. De anderen stoppen
en kijken in de richting waar ze wijst. En dan zien zij het ook: een
groepje mannen, niet meer dan 10, op een open plek tussen rotsen.
Sommige zitten druk te praten, twee zitten er aan een laptop, en een
paar mannen met zware geweren lopen op wacht. Midden op de open plek
staat op lange palen een grote houten kooi. Met Willow er in. Ze zit
er rustig, geconcentreerd, in kleermakerszit. Hoog boven haar, zodat
de mannen het niet kunnen zien, gaan de lichtjes nog steeds langzaam
in het morse-SOS patroon de lucht in. Snel sluipen de drie om de open
plek heen, zodat ze in Willow's blikveld zitten.
"En dan nu maar hopen dat zij onze gedachtenballonnetjes kan
zien", fluistert John.
"Ja, en zíj niet!", antwoordt Faith met een knik
naar de mannen.
Faith,
Aeryn en John hangen al een tijdje boven het kamp, ondertussen Willow
roepend met hun gedachten, als Willow eindelijk opkijkt. Ze speurt
de horizon af, en ziet al snel de ballonnetjes in de lucht hangen.
Haar lichaam wil opspringen, maar het lukt haar zich te beheersen.
Ze schudt even met haar schouders en de lichtbolletjes verdwijnen.
'God wat ben ik blij om jullie te zien!' denkt ze. 'Blijf
rustig! We vinden wel een manier om je hieruit te krijgen', denkt
Aeryn. Willow knikt voorzichtig. John kijkt Aeryn en Faith aan.
"Ok, suggesties?"
"We wachten tot het donker is...", begint Faith. Aeryn valt
haar in de rede.
"Ja, dat lijkt me logisch. 's Nacht zullen ze vast niet allemaal
op wacht staan."
"Dan schakelen Aeryn en ik de wachten uit, en jij laat Willow
vrij, Faith", zegt John.
"Ok....", antwoordt Faith langzaam. "Maar hoe? Heb
je gezien hoe hoog die kooi staat? Ik kan wel in die palen klimmen,
maar dat gaat vast niet geruisloos, plus de onderkant van de palen
hebben ze bekleed met prikkeldraad! Die wachten uitschakelen is het
probleem niet. Willow bevrijden wel." De drie achter de heuvel
denken na, terwijl de zon langzaam maar zeker begint te zakken.
Ondertussen,
in de kooi: 'JOEHOE!!! Potverdorie, kíjk nou toch eens
hier heen mensen!! Hallooooo!! Ik heb een plan!!' Ze zucht onhoorbaar,
de gedachte vasthoudend. Op de heuvel stoot John Faith aan. "Oh
kijk, fluistert hij, "we vergeten Willow.
"'Hee, dat zag ik!' foetert Willow in haar gedachten.
'Sorry'. John haalt verontschuldigend zijn schouders op.
Willow rolt met haar ogen en denkt verder.
'Ok, luister. Als jullie zorgen dat de wachten worden uitgeschakeld,
doe ik de rest wel. Uit deze kooi komen is het probleem niet. Voorbij
deze mannen komen wel."
"Weet je 't zeker?" denkt Faith. Willow kijkt haar
kalm aan, Faith weet genoeg. "Ok, mensen, magic girl is on the
ball."
Langzaam
wordt het donker. " Willow's ontvoerders zitten rond een klein
kampvuurtje en smullen van bakvissen, roggenbroden en lokaas. Willow
doet alsof ze slaapt, maar houdt haar oren gespitst.
"Heb je nog iets gevonden op die laptop?" hoort ze Ontvoerder
Nummer 1 vragen.
"Welnee", antwoordt Ontvoerder Nummer 2. "Die lui die
die verslagen maken hebben niet goed zitten opletten en weten niet
eens wat er in het doosje zit."
"Maar je weet zeker dat deze-" (hij wijst met een knik naar
Willow) "- hem heeft?", vraagt Ontvoerder Nummer 3.
"Absoluut", knikt Ontvoerder Nummer 2. "Deze is Willow.
Het is een heks."
"Een heks??" Ontvoerder nummer 4 vliegt geschrokken overeind.
"Sssshhhtt aansteller!" sissen Ontvoerders nummers 1, 2
en 5. Ontvoerder nummer 3 stompt hem in zijn zij. Hij kreunt.
"Ik heb het niet op heksen. Onbetrouwbare krengen zijn het",
moppert Ontvoerder Nummer 4.
Zo gaat het gesprek nog een tijdje door maar Willow luistert niet
meer. Ze weet genoeg. 'Wat een geluk dat ik het ding onzichtbaar
heb gemaakt', denkt ze, en kijkt meteen verschrikt naar de richel,
maar ze ziet haar teamgenoten niet. Opgelucht ademt ze uit.
Enkele
uren later zijn de ontvoerders - op vier na - in diepe slaap en John,
Faith en Aeryn sluipen naar beneden. Terwijl
zij de op wacht lopende mannen geluidloos en efficiënt uitschakelen,
prevelt Willow haar eerste spell. Er ontstaat een heel klein vlammetje
in haar handen en voorzichtig beweegt Willow het vlammetje naar het
touw dat het luik van de kooi dichthoudt, boven haar hoofd. Al gauw
valt het touw naar beneden en Willow vangt het op voordat het geluid
kan maken. Omdat het er bijna volledig donker is, houdt ze haar gehoor
gefocused op haar teamgenoten en als ze zich ervan heeft overtuigd
dat de bewakers zijn uitgeschakeld gaat ze over op de volgende spell.
Langzaam glijdt ze omhoog, opent het luik, zweeft er uit, langzaam
terug naar de grond en valt in de armen van een verbaasd kijkende
John die klaarstond omhaar op te vangen.
"Snel! Weg hier nu", sist hij. En weg zijn ze. Om de afstand
tussen de ontvoerders en hunzelf zo groot mogelijk te maken lopen
ze het grootste deel van de nacht door om pas tegen de ochtend in
een grot in slaap te vallen.
|