| home |
11 juli 2004 - 14 augustus 2004 |
| RONDE
7 |
Shore Leave |
|
|
Bij het eerste licht wordt ze wakker. Ze wil haar ogen
nog niet open doen want ze wil er nog niet aan dat zij en Odo alleen
over zijn. Het maakt het wakker worden niet prettig, en ze is verbaasd
dat ze haar oude teamgenoten eigenlijk een beetje mist. Terwijl ze
zo langzaam ligt wakker te worden realiseert ze zich ineens dat ze
het wel heel erg warm heeft en ze begrijpt niet waarom. Ze besluit
haar ogen te openen en dan ziet ze ineens de deken. "Goedemorgen Aeryn", zegt de in Odo veranderende
deken. Als Aeryn haar spullen bij elkaar heeft gepakt en klaar
is om te vertrekken wacht haar weer een verrassing. Want daar staat
niet Odo op haar te wachten, maar een paard. "Kom", zegt
het paard, "dan draag ik je een stukje". "Ik loop wel"
antwoordt Aeryn kortaf maar Odo dringt aan. De nacht ervoor, vlak nadat George hun had verlaten,
hadden ze in Kouweprak overnacht en nu, een paar uur later, staan
ze op het punt de kust van het Onderwater te naderen en de oversteek
naar Palm te maken. Al gauw komen ze aan bij de kust van Onderwater. Er
is niet veel bedrijvigheid, wat huisjes, een cafeetje, iets dat op
een kerk met kerkhof lijkt en twee vissersbootjes. Aeryn en Odo wandelen
meteen naar de kade waar ze een man aantreffen die een touw in zijn
handen heeft dat aan de andere kant is verbonden met een boot in de
vorm van een veer. De oversteek naar Palm verloopt vrij vlekkeloos. De
Rus probeert verschillende malen een praatje aan te knopen maar zowel
Aeryn als Odo zijn zichzelf gekeerd en geven de voorkeur aan zwijgen.
Maar gelukkig is daar al de kust van Palm en het 'verliefde tweetal' springt aan de kant, nadat ze elk 4 klapzoenen van de walrus in ontvangst hebben moeten nemen. "Jullie heeeeeel veel geluk samen! Ik zie heeeeel veel mooie kleine kindertjes in jullie toekomst. Nicolai heb speciaal oog voor toekomst!! Hahahaha. Tot ziens!!!" Opgelucht dat de vreselijke Nicolai uit het zicht is
en vooral buiten gehoorsafstand, beklimmen Odo en Aeryn de dijk. Aeryn
briest nog wat na van frustratie, maar Odo ziet er wel de humor van
in "Ooh mijn allerliefste", roept hij quasi-verleidelijk
uit. "Neem me mee naar je liefdeshuis en schenk mij vele liefdesbaby's!!
Maar eerst, mijn schat, eerst wij feestvieren, want wij feestvierders!
Ik Odo heb speciaal oog voor feestvierders!!!" Aan boord gaat Aeryn van hut naar hut, niet in staat
om af en toe wat oooh's en aaah's te onderdrukken. "Odo! Dit
schip is schandalig luxueus!" klinkt het drie dekken hoger. Odo
staat buiten en probeert even bij te komen van de enorme tegenstelling.
Hoewel ze nooit echt honger hebben geleden - Odo hoeft zelf niet te
eten, maar is wel empatisch voor de gevoelens van zijn teamgenoten
- was het toch best afzien, dat trekken over zo'n eiland. Relaties
aanknopen met vreemde nieuwe mensen om enkele dagen later alweer afscheid
te moeten nemen, zo'n ander leven dan hij gewend is op het ruimtestation.
En nu staat hij dan ineens op het grootste schip dat hij ooit gezien
heeft, omringd door luxe en dat is allemaal alleen voor hem en voor
Aeryn. Hij wordt uit zijn gemijmer opgeschrikt als hij Aeryn hoort
roepen en gaat naar haar op zoek. "Odo! Kom kijken! Hier beneden
is de vloer van glas zodat we de zee onder ons kunnen zien!"
roept ze uit. Als Aeryn bijna in slaap valt, komt de butler een scherm
het dek oprijden en legt uit dat er nog een extra verrassing voor
ze is. Aeryn drukt op de startknop van de mediaspeler en op het scherm
verschijnt - levensgroot - John. Aeryn schrikt er zo van dat de tranen
in haar ogen springen. De twee kijken de twee korte filmpjes wel 14 keer tot Aeryn haar ogen niet meer open kan houden en naar haar riante bed gaat. Dat zijn in ieder geval twee Survivors die mooie dromen zullen hebben vannacht.
***
Ondertussen, bij Team Aarde....
Als ze rond het kampvuur een konijn verorberen dat Kirk en John hebben
weten te vangen, horen ze een shuttle naderen. Ze kijken elkaar geschrokken
aan. "Neeeeee, niet wéér één van
ons", lispelt Kaylee. Als Tom uitstapt en dichterbij komt houden
ze angstig de adem in. Tom, niet helemaal op zijn gemak met die trieste
blikken op zich, gaat zitten. "Jongens, het spijt me, ik kan
er niks aan doen. Het was weer een spannende stemronde, maar Jim heeft
eigenlijk de hele tijd aan kop gestaan".
Kirk staat stoer op en weet een semi-joviale lach te produceren. "Ach jongens, jullie kunnen het best zonder mij, voor de jongelui in nkSF ben ik natuurlijk niets meer dan een relikwie en wie wil er nou een relikwie zien winnen?" De tranen stromen over Kaylee's wangen. "Maar ik wil je niet missen!" Kirk omarmt haar stevig en lacht naar de andere twee. "Veel succes verder jongens, we zien elkaar snel, maar niet té snel natuurlijk!" Na een uitgebreid afscheid lopen Kirk en Tom naar de shuttle. "Zeg Tom", zegt Kirk. "Een paar kilometer terug zag ik een grot, maar ik mocht er niet in van de anderen. Heb jij misschien zin....?" Tom begint te stralen. "Een grot?! Oooh ja, het is lang geleden dat ik een grot van binnen heb gezien. Kom op! Wijs me waar dat ding is!" Lachend verdwijnt het tweetal in de shuttle.
|