|
Klik
hier om te zien waar Team Lucht zich nu bevindt.
|
Team
Lucht heeft een flinke afstand kunnen afleggen en neemt een korte
rustpauze op een open plek in een bos. Fred zit druk op haar laptop
te typen.
"Wat ben je aan het doen, Fred?", vraagt Mulder. "Oh
ik heb George in nkSF beloofd dat ik af en toe wat vragen beantwoord
en ik heb hier weer een leuke. "Goh, en de Organisatie laat dat
zomaar toe?" zegt Mal verbaasd.
"Haha ja die George heeft weten in te breken in de verbinding
van de Organisatie en kennelijk hebben ze hem er nog niet kunnen uitzetten",
lacht Fred.
Een stukje verder zit Willow wat spreuken te oefenen. Er verschijnen
en verdwijnen de meest vreemdsoortige wezens. Dan opeens slaakt ze
een gil. "Aaah! Mensen we moeten op onze hoede zijn! Volgens
mijn Locatiespreuk is er een demon in de buurt! Geen idee wat voor
één, het kan ook een goede zijn, maar wees voorzichtig!"
"Rood alarm!", roept Picard.
Het team, dankbaar voor Willow en haar spreukenboek, kruipt wat dichter
bij elkaar en ze houden hun wapens en spullen bij de hand. Als er
tijdje niks gebeurt ontspannen ze weer wat. "Nou", zegt
Mal, "hij is vast alweer verd-", maar zijn zin wordt afgebroken
door een luide brul en knetterend geluid uit het bos, niet ver bij
ze vandaan.
Als
één man staat het team op en gaat in een cirkel staan,
wapens in de aanslag. Het gebrul en geknetter komt snel dichterbij.
Terwijl ze naar adem hapt weet Fred uit te brengen "d-d-daar!"
en ze wijst in de richting van een bizar uitziend wezen, geel, met
één enorme tand en een soort staf. Nog voordat iemand
iets heeft kunnen doen wijst het monster de staf in de richting van
de vijf en schiet met luid geknetter een bliksemschicht op ze af.
De
bliksem mist het team ternauwernood en de vijf sprint naar een grote
rots waarachter ze voor korte tijd veilig zijn.
"We moeten een plan maken", zegt Picard snel. "Willow:
research. Probeer meer informatie over dit monster te vinden op de
laptop."
"Jippie! Research Feestje!", roept Willow uit. De anderen
kijken haar aan. "Sorry, research windt me op".
Picard gaat verder. "Mal, Mulder, het lijkt me dat onze eerste
prioriteit die staf is."
Mal knikt "Ja, en daarna moeten we het beest onmiddellijk zien
uit te schakelen."
"Wacht nou eens even", sputtert Mulder. "Dit is een
unieke gelegenheid om meer te weten te komen over het leven op dit
eiland. Het hoeft toch niet meteen dood, ik stel voor dat we hem vangen
zodat we hem kunnen bestuderen". Hij vindt dit zelf wel een goed
plan en zoekt de touwen bij elkaar en maakt aanstalten om het monster
te besluipen. Hij wordt echter onmiddellijk met een gesiste kreet
teruggesleurd door de andere vier.
"Géén goed plan, Mulder", briest Picard.
"Gevonden!"
roept Willow. "Het is een Farongo demon. Maar er is vrijwel niets
over hem bekend, behalve dat hij een staf heeft waarmee hij bliksem
kan produceren."
"Je meent het", merkt Mal sarcastisch op.
Dan heeft Fred een idee. "Ik heb een idee! Als jullie Farongo
een paar minuten kunnen bezighouden, dan denk ik dat ik een apparaat
kan maken van de laptop en mijn comm badge om kortsluiting in zijn
staf te maken zodat hij geen bliksem meer kan maken!"
"Weet je zeker dat je dat lukt?", vraagt Picard.
"Voor 98%...", is het antwoord.
"Goed, maak het zo. De rest: verspreiden en bereid je voor op
een sprint".
Terwijl Fred snel aan het werk gaat, rennen de overige vier allemaal
tegelijk een andere kant op, ondertussen luid roepend. De demon, verward,
begint achter Willow aan te rennen, die gillend het bos in verdwijnt.
"Neee, geen goed plan! Kssst, ga maar achter hun aan, daar!",
roept ze en maakt een scherpe bocht in de richting van Mal. Die laat
de demon angstaanjagend dichtbij komen en springt dan op het laatste
moment in een boom. Maar de demon schiet meteen een bliksemschicht
op de tak waar Mal op zit en tak en Mal storten terug op aarde. De
demon stampt grommend op hem af, maar kijkt dan verstoord op omdat
Mulder en Picard staan te schreeuwen. Hij besluit Mal Mal te laten
en gaat achter Mulder aan. Mulder zwaait met het touw en roept nog
snel naar Picard "echt niet? Ik denk wel dat ik hem kan vangen
hoor", maar als de demon dichterbij komt verandert hij van gedachten.
"Uhhhh ok, misschien toch maar beter van niet" en begint
te rennen. Picard
is een andere kant op gerend, en heel even is hij afgeleid door een
grot... maar hij weerstaat de drang en laat de grot links liggen.
Dan
klinkt het vanachter de rots: "JA! NU!" en Mulder sprint
in de richting van de rots waar Fred nu bovenop is gaan staan. Terwijl
de demon bulderend op haar afstormt en zijn staf op haar richt, richt
zij haar comm badge op de staf en drukt op een knop. De staf begint
luid te knetterend en valt vervolgens brandend uit de hand van de
demon. Doordat hij even van slag is en stil is blijven staan, heeft
het team korte tijd om op adem te komen en de demon met messen te
naderen. Mal weet zijn mes diep in de voet van de demon te planten.
De demon slaakt een luid gebrul en Mal lacht hem luid uit. "Hah!
Kwai chur hun-rien duh di fahng [1]!
En een beetje- ew gatv-" De demon heeft op Mal gespuugd.
"MALCOLM", schreeuwt Fred.
Mal is volkomen bewegingloos blijven staan.
"Oja", piept Willow, "ik was vergeten te zeggen dat
als je wordt bespuugd, je voor enkele minuten verlamd raakt."
"mmmmjmmm!", klinkt het uit Mal's richting.
"Fascinerend", zegt Mulder en staat peinzend het monster
te bewonderen.
Nog net op tijd ziet Picard dat Mal op het punt staat te worden verpletterd
door de demon en hij weet zijn mes in de rug van het beest steken,
dat hij moet bekopen met een lading spuug en nu is ook hij niet meer
in staat zich te bewegen.
"Uh oh...." Mulder slikt en rent al joelend en zwaaiend
met zijn touw in de richting van de bomen. Gelukkig komt de demon
achter hem aan, maar waar Mulder geen rekening mee heeft gehouden
is de enorme afstand waarin de demon kan spugen en hij bevriest. Fred
en Willow kijken elkaar angstig aan. In de tussentijd heeft Willow
druk in haar spreukenboek zitten bladeren en ze sist naar Fred "Fred,
snel, ren achterlangs naar de bomen en probeer achter spugende Farongo-guy
te komen, ik ga een spreuk proberen.
"Oké", antwoordt Fred, "maar wel opschieten
he?" Willow knijpt even snel Fred's bovenbeen en belooft het.
"Veel succes!"
Zoals
afgesproken rent Fred nu zo snel en zo stil als ze kan om de demon
heen en als ze op een veilige afstand is begint ze hem te roepen.
Willow is dan al begonnen met haar spreuk. De demon brult woedend
en gaat achter Fred aan. Willow lijkt wel te groeien, er ontstaat
een kleine wervelwind om haar heen terwijl ze luid haar spreuk uitspreekt.
"Daemonium Atum Seculum!".
De demon nadert Fred nu snel. Fred struikelt, valt en gilt. Ze graait
om haar heen en vindt een stok waarmee ze hoopt zich te kunnen verdedigen.
De demon maakt zich klaar om op haar te spugen en als Fred een schietgebedje
prevelt verdwijnt de demon in een verblindende lichtflits.
Terwijl
Mulder nog wat nahijgend terug loopt naar Picard, Fred en Willow,
wordt hij opeens bij zijn Armanischouder gegrepen en ruw opzij getrokken.
"Dat laat je voortaan, hwoon dahn!" 2)
bijt Mal - die zich ook weer kan bewegen - hem toe. "Onderzoeken
en observeren is prima, maar niet als een monster je in lichterlaaie
kan schieten!"
Mulder laat de uitbarsting rustig over zich heen komen en antwoordt
dan met een klein glimlachje, waarvan het niet helemaal duidelijk
is of het sarcastisch is of niet: "Ik wist niet dat je zoveel
om me gaf."
Mal lijkt een fractie van een seconde van zijn stuk gebracht, en grinnikt
dan: "Goushi buru, hu li!" [3]
Mulder grijnst terug. "Ming fu qi
shi, dui xiang pigu biao." [4]
Mal barst in lachen uit en geeft Mulder een duw waardoor deze in een
bosje tenenkruid terechtkomt. Hij trekt Mulder er weer uit en de twee
voegen zich bij hun teamleden.
Fred
en Picard staan ondertussen vol bewondering naar Willow te kijken.
"Hoe heb je dat in vredesnaam voor elkaar gekregen? Hoe wist
je wat je moest doen?" vraagt Fred.
"Nou", antwoordt Willow trots, "het was eigenlijk wel
een grote gok, want ik heb deze spreuk niet eerder gebruikt. Het is
een spreuk om een demon naar een andere dimensie te sturen. Het nadeel
is dat je er niet bij kunt zeggen naar welke dimensie, dus ik heb
geen flauw idee waar hij nu is". Het lijkt de andere twee niet
erg te kunnen schelen.
Opgelucht
dat dit avontuur goed is afgelopen en ook voorzien van een flinke
nieuwe lading adrenaline besluiten de vijf meteen door te trekken.
Hopelijk zal de volgende dag wat rustiger verlopen voor ze...
1)
"maak heel snel dat je wegkomt"
2) "achterlijke
idioot!"
3)
"Je bent lager dan hondenstront, Vos!"
4) "En ik ook van jou, vriend
met forse billen."
|