home
Wat is Survivor?
De regels
De kandidaten
Vooruitblikken
De fans
de locatie
De Organisatie
Van dag tot dag
Survivor 2002
e-mail De Organisatie

.


11 juli 2004 - 14 augustus 2004



RONDE 12

 

Verslag 20 - Nightmares 

deel 1:   The Face of the Enemy   







Na het avontuur met de sprookjesfiguren en het afscheid van Kaylee is Team Vuur inmiddels nog dieper doorgedrongen in het Enge Bos. Door de hoge bomen zijn de smalle kronkelpaadjes vaak in het halfduister gehuld, en het tempo ligt de laatste dagen laag. 
"Ik zal blij zijn als we weer open vlakte zien", huivert Fred terwijl ze haar rugzak inpakt. "Ik ben vannacht geloof ik wel tien keer wakker geworden, en tussendoor had ik de raarste dromen."
"Ik denk dat we allemaal slecht geslapen hebben", zegt Aeryn. "Ik schrok ook een paar keer wakker van een vreemd geluid, en ik had een nachtmerrie."
"Ik heb vreselijk gedroomd", laat Willow weten. Haar ogen zijn dof en haar handen trillen als ze haar slaapzak in haar rugzak propt. "Ik ben gelukkig de helft weer vergeten, maar het was de engste droom die ik ooit gehad heb."
"Het is dit bos", zegt Mal. "Het is een fout bos en het bezorgt je foute dromen." Hij klopt Serenity, die hij sinds Kaylees vertrek onder zijn hoede heeft genomen, geruststellend op zijn nek. "Zelfs hij lag te trappen in zijn slaap." 
 
Als ze even later weer op pad zijn klinkt er een laag gegrom uit de bomen. Serenity fluit nerveus, en Mal heeft moeite het dier in toom te houden. 
"Kijk", wijst Faith. "Het is die wervelwindhond daar die gromt. Wat een grote zeg."
"Oh mijn God", schrikt Willow. "Daar heb ik over gedroomd. Het is geen wervelwindhond."
"Hondekop en vogellijf, check", zegt Faith. "Wat zou het anders moeten zijn?"
Op dat moment vliegt het dier op met een geluid als een donderslag. Dan scheert het laag over de hoofden van de deelnemers, en tegelijkertijd vallen er enorme hagelstenen uit de lucht. 

"Wat de frell!" vloekt John als een hagelsteen langs zijn hoofd suist. Naast hem slaakt Picard een kreet en valt. Serenity fluit hysterisch. Fred gilt. 
"Het is een slechtweerwolf!" roept Willow paniekerig. "Ik heb erover gedroomd en mijn spreuken werkten niet!" Opnieuw scheert het dier over hun hoofden, een hoosbui in zijn kielzog. 
Willow heeft zich op de grond laten vallen met haar armen beschermend over haar hoofd. "Nou komt de bliksem," mompelt ze. Alsof ze zich plotseling iets herinnert richt ze zich weer op, en schreeuwt. "Mal! Ga bij Serenity vandaan! Ga in Godsnaam bij Serenity vandaan!" 
Haar laatste woorden gaan verloren als een enorme donderklap klinkt, slechts een fractie van een seconde nadat de bliksem inslaat in een van de bomen naast het pad. De boom staat meteen in lichterlaaie. Aeryn weet nog net een vallende brandende tak te ontwijken, die vervolgens langs Serenity's flank schampt. Het meesmuildier steigert, wild met zijn voorbenen slaand, en raakt dan met een voet verward in een van de banden van Mals rugzak. 
"Bi zui, ge ge!",1) probeert Mal Serenity te sussen, terwijl hij vergeefse pogingen doet zijn rugzak af te doen, maar het dier trekt hem panisch van angst aan de rugzak naar achteren. Opnieuw wordt een boom getroffen door de bliksem, Serenity draait zich steigerend om en rent terug over het pad, Mal met zich meeslepend. Weer klinkt een knal, maar dit keer is het Aeryns wapen. De weerwolf valt levenloos voor haar voeten neer, en het onweer is net zo plotseling verdwenen als het verscheen. 

"Goed schot", zegt Crichton. 
"Ik had eerder moeten schieten", zegt Aeryn terwijl ze naast Picard neerknielt die een flinke hoofdwond blijkt te hebben. 
"Ik ga Mal zoeken", zegt John. "Faith, neem contact op met De Organisatie. Mal zal er ook niet best aan toe zijn."

Crichton loopt een flink stuk terug, maar Serenity en Mal lijken spoorloos verdwenen. Plotseling hoort hij achter zich het geluid van voetstappen.
Met een ruk draait hij zich om. 
"Mal! Man, ik schrik me gek!" Dan bekijkt hij met gefronste wenkbrauwen Mals uiterlijk. "Ben je niet gewond? En wat heb je in vredesnaam voor hallelujakleren aan?"

"Ik denk dat je je vergist, John Crichton", zegt Caleb ernstig. "Die goddeloze cowboy ligt een eindje verderop te sterven. En jij sterft hier." 

John grijpt verbijsterd naar zijn wapen, maar Caleb trekt het schijnbaar moeiteloos uit Johns hand. "Schieten is zo... zo *afstandelijk*, John", zegt hij vriendelijk, terwijl hij Winona in de struiken gooit. Crichton haalt uit met zijn vuist, maar Caleb vangt de klap rustig met een hand op, en duwt John vervolgens metersver weg, tot hij met een doffe klap tegen een boom terecht komt. 
"Wie ben jij?" hijgt John, en probeert overeind te komen, maar valt met een schreeuw weer terug terwijl hij naar zijn been grijpt. Caleb loopt opgewekt op hem af. 
"Zie mij maar als de toorn van de rechtschapen nksf-lezers", verklaart hij terwijl hij een mes tevoorschijn haalt en liefkozend met een vinger over het lemmet streelt. "Jullie zijn stuk voor stuk verdorven, en ik denk dat ik die verdorvenheid er maar eens netjes uit ga snijden." 

"Hij was mijn nachtmerrie vannacht", klinkt een vlakke stem, en Faith stapt tussen de struiken vandaan en gaat tussen John en Caleb in staan. 
 
"Halleluja!" roept Caleb. "Een slayer! Weliswaar niet de enige echte, maar Onze Lieve Heer maakt geen onderscheid, dus ik ook maar niet." Hij grijpt Faith bij een voet als ze op hem afspringt en smijt haar een eind weg. Opnieuw valt Faith aan, en opnieuw belandt ze in de struiken. Naar adem happend blijft ze even liggen, en zet dan weer de aanval in.  

Een schot klinkt, en Caleb kijkt verbaasd om. Mal staat een paar meter achter Caleb, gehavend en bebloed en met zijn revolver in de aanslag. 

"Nog niet dood?" vraagt Caleb verrast, terwijl hij Faith achteloos wegmept en op Mal afloopt. Mal vuurt nogmaals, en nog een keer, maar Caleb loopt onverstoorbaar door en grijpt Mal dan bij de schouders. 
"Broeder", zegt hij glimlachend, en laat zijn hand over Mals linkerschouder glijden. "Ook gevochten met de slayer
, he?" 
"Alleen een vriendschappelijk knokpartijtje", zegt Mal en kreunt dan luid als Caleb wat kracht zet en zijn sleutelbeen opnieuw breekt. 
"Zij deed het heel wat eleganter", hijgt Mal. "Maar ze is dan ook een survivor, terwijl jij volgens goed ingelichte bronnen morsdood bent."
"Niet zo dood als jij zo dadelijk", zegt Caleb meewarig. Hij geeft een rukje aan Mals linkerarm. Mal gilt het uit, en mompelt dan klappertandend van de pijn: "Jij mag dan sterker zijn, ik ben echt wel de knapste van ons tweeën." 
Caleb haalt glimlachend zijn mes tevoorschijn. "Niet voor lang meer, zondaar."

Als Caleb Mal met een hand bij zijn haar grijpt en hem hardhandig op zijn knieën dwingt stormt Faith opnieuw naar voren. Voor ze de twee kan bereiken verschijnen er echter twee half-menselijke, half-mechanische figuren. Ze lopen op Caleb af, die verbaasd opkijkt. 
"Wij zijn De Borg", zegt de een, terwijl de ander een hand uitsteekt en tegen Calebs nek houdt. Caleb schreeuwt, en verdwijnt dan plotseling. De Borg draaien zich om naar Mal, die strompelend weg probeert te komen. 
"Wij zijn de Borg. Wij zullen u assimi-" De mechanisch klinkende stem wordt abrupt afgebroken door een salvo uit Aeryns pulse pistool. Wanneer de twee Borg als een hoopje oud roest op de grond liggen wendt ze zich tot Picard, die naast haar staat met een verband om zijn hoofd. 
"Je had gelijk", zegt ze. 
Picard knikt. "Ik had gelijk. Al onze nachtmerries worden werkelijkheid."



* * *


"Okee, dus de weerwolf kwam uit Willows droom, Mal die door Serenity werd meegesleept ook. Faith had over Caleb gedroomd,  en Picard over de Borg", stelt Crichton vast terwijl hij met een van pijn vertrokken gezicht zijn gebroken en met een boomtak gespalkte been wat verlegt.  

Team Vuur zit in een kleine kring op de grond. Aeryn heeft Johns geliefde Winona weer gevonden, en Serenity kwam even geleden zelf weer terug lopen naar het team. Het meesmuildier ligt nog wat nahijgend dicht tegen Mal aan, wiens linkerarm provisorisch tegen zijn bovenlichaam is gebonden.  
Crichton gaat verder met zijn samenvatting. "We kunnen De Organisatie niet bereiken, comm badges werken niet, ..." 
"... kompas werkt niet, de helft van de apparaten uit de medkit werkt niet,", vult Aeryn aan. 
"En mijn spreuken werken niet", zegt Willow zacht.
John knikt zuchtend. "Plus het zit er dik in dat we ook met de overige nachtmerries te maken krijgen. Dus de vraag is, waar heeft de rest over gedroomd?"
"Over Mulder", zegt Mal met een strakke blik. 
"Okee, die krijgen we dan nog te zien, maar dat kan weinig kwaad", concludeert John.
Mal schudt zijn hoofd. "Ik heb hem al gezien, in het bos toen ik terugliep." Hij vermijdt de vragende blikken van de anderen en staart naar zijn goede hand waarmee hij Serenity achter een oor aait. "Hij hing..., hij was ge..." Mal slikt en haalt even diep adem. "Hij was dood. Ik wist dat het niet echt was." Schijnbaar meer voor zichzelf als voor de anderen herhaalt hij tegen Serenity: "Het was niet echt."
Fred legt even haar hand op de zijne, Serenity's dreigende blik negerend. "Maak je geen zorgen. Fox zit gewoon lekker op Risa bij het zwembad." 
Mal kijkt haar aan en knikt. "En wat heb jij gedroomd?"
Fred lacht een beetje verontschuldigend. "Dat de harde schijf van mijn laptop gewist was." Haar gezicht betrekt. "En dat klopt waarschijnlijk, maar hij start niet op, dus ik weet het niet zeker."
"Jammer, maar het kan veel erger", vindt Crichton. "Aeryn?"

"Ik heb wel een nachtmerrie gehad", zegt Aeryn, "maar niet over iets dat gevaarlijk kan zijn voor ons."
"Niet over je moeder? Of Scorpius?" wil John weten.
Aeryn schudt haar hoofd en herhaalt: "Niets dat gevaarlijk kan zijn voor ons."

Het hele team kijkt op als er een shuttle verschijnt boven de bomen. De landing gaat niet helemaal vlekkeloos door de vele begroeiing, maar even later stapt Tom opgewekt naar buiten met een medkit in zijn hand. Serenity vliegt overeind met zijn oren plat en fluit nerveus.  
"Is er iemand weggestemd?" vraagt Fred. 
Tom schudt zijn hoofd. "Nee hoor, vanmiddag pas. Ik kom omdat jullie een noodoproep hadden gedaan." Hij gaat op zijn hurken naast John zitten. "Nou, dat been ziet er slecht uit." 
"Maar we konden je helemaal niet bereiken", zegt Fred verbaasd.
"Oh, ik hoorde jullie wel, maar jullie mij niet", verklaart Tom, terwijl hij in de medkit rommelt en er een scalpel uithaalt. 
"Hee!" John grijpt Toms hand. "Ik weet niet wat je van plan bent, maar zou je niet gewoon beginnen met iets tegen de pijn?"

"Oh God", fluistert Willow op dat moment met grote angstogen. "Ik weet weer wat ik nog meer heb gedroomd." Ze staat op en doet een paar wankele passen achteruit. "Ik droomde dat Tom langs kwam, maar het was Tom niet."
"Ooh, nu bederf je de verrassing!" lacht Tom terwijl hij verandert in Caleb. "Leuk truukje he, geleerd van mijn vorige baas." Hij kijkt de verbijsterde kring gezichten rond en zegt dan quasi-verbaasd: "Jullie dachten toch niet dat je zo makkelijk van me af kwam?" 


- wordt vervolgd - 


1) Rustig maar, kerel.